Spelen met kwaliteiten van jezelf en anderen

Eigenlijk ben ik niet zo’n type voor bordspelen, al is het niet lang geleden dat ik thuis meedeet aan een potje Monopoly. Maar op mijn grote witte kleed liggen op dit moment twee sets van 66 kaartjes en een klein speelbord. Ik heb me vanmorgen zelf eerst weer eens getracteerd op een spel. En ik moet zeggen: deze benadering heeft ook in de werkelijkheid iets van spelen. En dan serieus, want het raakt dingen uit de praktijk.

Ik heb het over de bordspelversie van de Kernkwadranten. Voor een aantal mensen bekend, voor heel veel nog niet echt. En ik merk dat het werken ermee toch elke keer weer nieuwe dingen oplevert. Voordat ik iets uitleg over hoe het in elkaar zit eerst even waar het mij om gaat. Daniel Ofman kwam hier in 1992 mee in zijn boek Bezieling en Kwaliteit in Organisaties. Een aantal jaren geleden maakte ik er zelf mee kennis tijdens coachsessies en ik vond het destijds confronterend en een eyeopener. En nu ik zelf aan het coachen ben merk ik dat nog steeds… Wat is het dan vooral?

Ik denk dit: iedereen loopt tegen frustraties op, twijfels, conflicten en nare eigenschappen. En de makkelijkste manier is het om er gewoon een eind van te balen en er tegen in het verweer te gaan. Voor je het weet suddert het onderhuids: de collega die dominant doet, of de stugheid van de leidinggevende. Noem maar op, genoeg te melden als je om je heen kijkt: perfectionisme, nonchalance, drammerigheid of wat dan ook.
Alleen hier al voor is het bezig gaan met Kernkwadranten zeer nuttig en inzichtgevend. In plaats van een ‘tegenover’ of zelfs je ingraven of afsluiten ga je veel meer samenhang zien tussen dat ene iets waar je tegenaanloopt en de andere kant van het verhaal. Ofman heeft de wereld gediend door een kloppend model te bieden van vier elementen die altijd samenhangen. Vandaar de naam kwadrant.

Grote voordeel in mijn ogen is dat je niet heel ingewikkeld hoeft te filosoferen over vanalles, geen vage verhalen voordat je resultaat kunt zien. Het kwadrant dwingt je om te zoeken naar het geheel van die vier elementen. Altijd is er een samenhang van negatieve elementen en positieve. Waarom ik hier belang aan hecht is onder andere de ervaring hoezeer dit je haalt uit de sfeer van ‘goed en fout’. Als je kijkt naar iemand die drammerig overkomt kun je je ook afvragen wat de kwaliteit achter deze vervorming is. Dat is lastiger vaak, maar door het model wordt je geholpen het uit te zoeken en ook vrij snel te ontdekken. Ik denk dat sommige lange en moeizame gesprekken kortgesloten kunnen worden als dit model gebruikt zou worden. Gevolg is dat je ineens anders naar de situatie kijkt: vanuit kwaliteit. Iets positiefs. Blijft staan dat er dat negatieve is. Geen nood: het wordt niet vergoeilijkt, wel wordt het ingekaderd door andere elementen.

Kort gezegd zijn er in het model vier elementen: kwaliteit – valkuil – uitdaging – allergie. Voor wie dit te theoretisch is: maak een afspraak en probeer het uit… Voor wie nog niet afgehaakt is: wie kent het gevoel niet dat je wel die valkuil kan benoemen bij jezelf of een ander, maar niet zou weten wat je er dan mee moet? In dit model wordt je geholpen door te gaan naar de uitdaging. Door hulpvragen kun je die vinden en dat kost geen uren. Als je die uitdaging weer te ver uitvergroot kom je in iets terecht waar je op hetzelfde moment een afkeer voor voelt: je allergie. Kortom: te veel van het goede brengt je uiteindelijk in dat wat je verafschuwt. Vaak een inzichtgevend moment om oog in oog te staan met je eigen allergie…

Ik merk dat er behoefte is aan het zoeken van je kwaliteiten. Ik heb dat zelf ook en herken het in gesprekken met anderen. Volgens mij hangt dat samen met de hoge druk waar we vaak in leven en moeten presteren. Wie ben ik dan zelf nog, en wat zijn mijn kwaliteiten? Wat kan ik goed, wat is echt mijn stukje in dat complexe geheel? Een oproepje vandaag op twitter leverde direct een aantal reacties op voor een kennismakingssessie met het Kernkwadrant. Hierboven heb ik de relatie met de ander benadrukt. Eigenlijk sla ik dan een stap over: jezelf.

Het eerste wat denken vanuit kernkwaliteiten je biedt is meer zicht op jezelf. En vanuit dat vertrekpunt vallen vaak een aantal dingen op z’n plaats. Je ontdekt wat jouw eigen uitdagingen zijn. Iemand met de kwaliteit souplesse kan ontdekken dat ordening z’n uitdaging is. Doet’ ie dat, dan zul je weinig last meer hebben van je valkuil: grenzeloosheid. Maar je zult ook stabieler zijn ten opzichte van dat wat je zo verafschuwt: rigiditeit. Het is nu te kort om dat uit te werken. Maar het leuke is: doe je dit samen in een gesprek, dan is er vaak vrij snel herkenning. Daaruit blijkt dat dit niet een vage theorie is, maar praktisch werkt en gewoon goed de werkelijkheid weet te benoemen. En met zo’n kwadrant heb je een geweldige basis om door te praten over het verhaal erachter. Maar ook om er gewoon mee te gaan experimenteren. Probeer het uit en merk wat er gebeurt.

Ik ben overtuigd van dit werkmodel. Ook omdat je het uiteindelijk zelf thuis kunt doen als je het eenmaal kent. En misschien ook wel omdat het helpt om af te leren in de kramp te schieten bij frustraties en falen. De kracht ligt hier dat je in de spiegel gaat leren kijken van je eigen kwaliteiten. Zeker voor mensen die kritisch zijn naar zichzelf of ten diepste onzeker is dat misschien wel de grootste stap naar een andere manier van werken.

Misschien is het wel bevrijdend om het spel van het leven meer te leren spelen. Een spel waarin veel te winnen valt als je het speelt vanuit je eigen kwaliteiten. Gericht leren kijken naar wat er is, wie je zelf bent en hoe jouw kwaliteiten in relatie staan tot zwaktes en tot de eigenschappen van anderen. Die chemie meer zien en daarin leren schakelen: dat kan het opleveren. Ik laat het spel nog even liggen tot morgen… En ga de komende tijd samen met anderen kijken wat dit je biedt.

Zie ook:
www.corequality.nl
Bezieling en Kwaliteit in Organisaties, Daniel Ofman, 1992/2006.
Hé, ik daar!, Daniel Ofman, 2007.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.